c31q4l20afh173s7qd5w.480x240x1

Burgerschap en burgerschaponderwijs

Een vergelijkend perspectief op burgerschap en burgerschapsonderwijs in het voortgezet onderwijs

In de afgelopen jaren is in toenemende mate aandacht ontstaan voor de burgerschapscompetenties van jongeren en de bijdrage die scholen daaraan kunnen leveren. De onderwijsinspectie constateerde dat de ontwikkeling van burgerschapsonderwijs stagneert en de resultaten van recent nationaal en internationaal onderzoek onderstrepen die bevinding. Het doel van dit internationaal vergelijkend onderzoek is de kennis, houdingen en betrokkenheid van leerlingen in het voortgezet onderwijs in kaart te brengen. Daarbij wordt nagegaan hoe deze zich de afgelopen jaren hebben ontwikkeld en worden Nederlandse scholieren vergeleken met leerlingen in andere landen. Daarnaast wordt nagegaan hoe de burgerschapsuitkomsten verband houden met de schoolcontext en welke kenmerken bijdragen aan effectief burgerschapsonderwijs. Het onderzoek wordt uitgevoerd als onderdeel van de International Civic and Citizenship Education Study (ICCS). In aanvulling op de internationale vergelijking wordt een regionale (Europese) module uitgevoerd, alsmede een nationaal supplement met analyses gebaseerd op een aanvullende meting van schoolkenmerken en burgerschapskennis en -oriëntaties.
Het onderzoek is een vervolg op een eerdere ICCS-meting uit 2009.

Het onderzoek richt zich op de burgerschapskennis, sociale en politieke oriëntaties en maatschappelijke betrokkenheid van jongeren. Daarvoor worden vragenlijsten afgenomen en achtergrondkenmerken van jongeren verzameld. Tevens wordt nagegaan, eveneens via vragenlijsten, hoe burgerschapsonderwijs in de Nederlandse context is geïmplementeerd. Veranderingen ten opzichte van 2009 worden bestudeerd, evenals de samenhang tussen schoolcontext en de kennis en opvattingen van de jongeren. Wat betreft instrumenten, steekproef, dataverzamelingsprocedures wordt aangesloten bij de vereisten van het internationale onderzoek. In een nationaal supplement worden nog extra data verzameld, onder andere ter validatie. Hierin wordt ook het onderwerp sociale veiligheid meegenomen.

Er zal een nationaal rapport worden uitgebracht over de uitkomsten in Nederland vergeleken met die uit andere landen. Daarnaast worden verschillende wetenschappelijke artikelen geschreven.

Het project wordt uitgevoerd door een consortium van de Universiteit van Amsterdam, waarin samenwerken de afdeling POWL, de afdeling sociologie, AMCIS en het Kohnstamm Instituut. De overall projectleider is prof. dr. G. ten Dam, contactpersoon binnen het Kohnstamm Instituut is drs. G. Ledoux.